Ik heb beloofd de ficusnaast het toilet mee te nemen.Ik bracht hem in een tas,toen hij nog niet tot de kraan kwam.Rosi heeft me bedankten een schotel voor eronder gegeven.
Hier is hij naar binnen gekomen.Hier moet hij weer naar buiten.
Ik kantel hem naar de straat,de kruin raakt het uithangbord.Manolo schuift de tafels opzij,Tere houdt mijn elleboog vast.Een jongen wil helpenen grijpt een tak beet.
‘Bij de pot,’ zeg ik.Nu zegt de hele bar het al.De jongen pakt hem anders vast.De aarde valt in zijn schoenen.Tere komt met een schaar.Ze bergt hem op als ik haar aankijk.
Hier is hij naar binnen gekomen.Maar toen was hij niet zo groot.
Achteruit zie ik het opstapje niet.‘Naar mij toe,’ zegt Manolo.Tere trekt naar de straat.We nemen de halve rijbaan in.Er staat een bus te wachtenen achter ons een mevrouwdie alleen maar naar het toilet wil.
We zetten hem weer binnen neer.We draaien hem heel langzaam.Een fietser buitentilt twee bladeren voor ons op.De pot schuurt er net doorheen.Ik schuif er strak tegenaan mee.
Op de stoep vragen ze mein welke auto we hem zetten.Ik kijk naar het dak van mijn bestelbus.Ik kijk weer naar de plant.De jongen brengt een touwtje.Het is een veter uit zijn schoen.Hij wacht op mijn aanwijzing,met zijn voet half bloot.
