Mijn vader koopt een loten legt het in mijn hand.Ik wilde de fietsdie er vorig jaar was.Vandaag is er alleen een ham over,met een gouden lint.
Het nummer is van mij.Niet stiekem omruilen, hoor.
Nati trekt het briefjeuit de wasknijperemmer.Ze noemt het nummer van mijn vader.Ik laat haar het mijne zien.Het is hetzelfde, maar nuheb ik het in mijn hand.
Ze zetten me op de stoel.Clara brengt de ham dichterbij.Het hoefje wijst omhoog,het lint bedekt één oog.Ik zeg dat ze hem los moet laten.
Ze laat los.
Mijn vader komt aanrennen,pakt me onder mijn oksels.De stoel beweegt.Hij gaat op een servet staan.De ham staat rechtoptegen mijn vaders borst.Rosi schuift de flessen opzijzonder helemaal op te staan.
Ze willen de prijs wel ruilenvoor geld voor een fiets.Tere heeft haar portemonnee al vast.Ik vraag naar het bot.‘Dat is ook van jou,’ zegt Fede.‘Maar eerst moeten we hem opeten.’
We zetten hem naast me neer.Ik haal het gouden lint eraf.Mijn vader vraagt om een mes.Ik zeg dat het nu niet mag.Hij vraagt tot wanneer dan.Ik schuif hem wat verder van zijn bord.Onder het lotstaan zwarte letters op mijn handpalm.
